Overslaan en naar de inhoud gaan

Wetsvoorstel Betaalbare huur naar Tweede Kamer

Image

De kogel is door de kerk. Demissionair minister Hugo de Jonge van BZK heeft vandaag het wetsvoorstel Betaalbare huur naar de Tweede Kamer gezonden. De Jonge wil daarmee de hoge huren in het vrije huursector aan banden leggen en de positie van huurders versterken. Om te voorkomen dat de nieuwbouw stagneert en zich te verzekeren van politieke steun heeft hij het eerdere wetsvoorstel op enkele punten aangepast. Die wijzigingen werden al eerder bekend. Zo mogen verhuurders van nog nieuw te bouwen woningen onder bepaalde voorwaarden tijdelijk een opslag van 10 procent op de huurprijs rekenen. Hij wil de wet per 1 juli invoeren.

Het kabinet wil huurders met middeninkomens beschermen tegen ‘excessen’, zoals huren van 1.600 euro voor een oud appartement van 40 vierkante meter. Dat is in Amsterdam inmiddels meer regel dan uitzondering. De Jonge: ‘Politieagenten, zorgpersoneel en onderwijzers kunnen niet meer in de stad wonen waar juist deze mensen zo hard nodig zijn'. De wet begrenst de huren door het woningwaarderingssysteem (WWS of puntenstelsel) bindend te maken tot een maximale huur van 1.123 euro. Bovendien wordt de huurbescherming versterkt. Een te hoge huur vragen wordt een overtreding. Gemeenten moeten daar op gaan toezien. Tot dusver gaat de huurbescherming gaat uit van het initiatief van huurders: een bewerkelijke en tijdrovende gang naar de Huurcommissie. 

Voldoende steun?

Hoewel het wetsvoorstel aanvankelijk breed werd gesteund, is dat op dit moment onzeker. Verhuurders voeren een intensieve lobby tegen de wet. Ze waarschuwen ervoor dat zij hun huurwoningen massaal in de verkoop gaan zetten als ze niet meer genoeg rendement kunnen behalen. Door de langdurige onzekerheid - de wet is een half jaar uitgesteld - stagneren bovendien nieuwbouwinitiatieven. Institutionele beleggers willen vooral duidelijkheid over hun verdienmogelijkheden; op dit moment zijn hun 'spreadsheets stuk'. De VVD lijkt zijn eerdere instemming met de wet te hebben ingetrokken en ook bij de PVV en de NSC leven nu twijfels.  

Aanpassingen

De Jonge komt verhuurders op een aantal punten tegemoet. Zo mogen verhuurders van nieuwbouwwoningen 10 procent extra op de maximale huur volgens het puntentotaal berekenen. Dat geldt voor woningen die in de komende twee jaar, tussen de ingang van de wet en 2026, in aanbouw worden genomen.

Een tweede aanpassing heeft te maken met de invloed van de WOZ-waarde op het puntentotaal. De zogeheten ‘WOZ-cap’ bepaalt dat de WOZ-waarde straks maar voor maximaal 33 procent meetelt bij de berekening van de maximale huur. Dat is bedacht om te voorkomen dat elke kleine matige woning in een zeer gewild gebied toch naar de vrije huursector kan worden getild. De aanpassing is dat verhuurders die te maken krijgen met deze WOZ-cap in ieder geval de maximale huur van 1.123 euro mogen vragen.

Tenslotte werd vorige week bekend dat De Jonge de verhuurders ook meer ruimte geeft om de huren jaarlijks te verhogen. De maximale jaarlijkse verhoging wordt gebaseerd op de gemiddelde cao-loonontwikkeling plus 1 procent. Eerder was dat 0,5 procent. Bovendien was de huurprijsmaximering de afgelopen jaren gebaseerd op de laagste twee variabelen: inflatie of cao-ontwikkeling. Dit betekent concreet dat de huren in de vrije sector - waaronder het middensegment - dit jaar met 7,1 procent kunnen stijgen. Dit vanwege de forse loonstijgingen van vorig jaar. [Fred van der Molen]