Minister Elanor Boekholt-O'Sullivan. Foto: Martijn Beekman
Van de Tweede Kamer hoefde ze een evaluatie niet af te wachten, dus komt minister Boekholt-O’Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening met 5 ingrepen in de Wet betaalbare huur. Ze wil daarmee het aanbod van middenhuur weer vergroten. Ze komt daarmee particuliere beleggers tegemoet die steen en been klaagden en de afgelopen jaren massaal hun huurwoningen dumpen. Als het aan Boekholt-O’Sullivan ligt, wordt de nieuwbouwopslag met vier jaar verlengd tot 2032. Die opslag houdt in dat verhuurders de maximumhuurpijs voor twintig jaar mogen verhogen met tien procent.
Oorspronkelijke puntentaantal
Drie maatregelen grijpen in op het woningwaarderingsstelsel (WWS). Zo komt er een prijsopslag voor woningen waarop de WOZ-cap van toepassing is, waardoor verhuurders op gewilde locaties de huurprijs vragen van het oorspronkelijke puntentotaal zonder dat de woning in de vrije sector belandt. Ook gaat de WOZ-waarde van kleine rijksmonumenten zwaarder meetellen en vervalt de puntenaftrek voor het ontbreken van buitenruimte. De aanpassingen gaan gelden alleen bij het afsluiten van een nieuw huurcontract. Verder moeten alle studenten weer een tijdelijk huurcontract kunnen afsluiten. Nu kunnen alleen studenten die verhuizen naar de stad waar ze gaan studeren eenmalig een tijdelijk contract van maximaal 2 jaar krijgen.
Lees ook: Uitpondrecord: meer huurwoningen verkocht dan in decennium aangekocht
De Woonbond vindt het veel te vroeg om de wet al aan passen. En enigszins merkwaardig: vergelijkbare voorstellen van Mona Keijzer werden afgelopen najaar nog weggestemd door een meerderheid van de Tweede Kamer, waaronder regeringspartijen D66 en CDA. Bovendien vindt de bond dat de minister haar oren laat hangen naar lobbyisten.
“Beleid moet gebaseerd zijn op feiten, niet op aannames of lobbydruk”, zegt Zeno Winkels, directeur van de Woonbond. “Zonder goed inzicht in hoe de wet uitpakt, is het verhogen van huren een sprong in het duister.” (ND)