Overslaan en naar de inhoud gaan

Meerderheid Tweede Kamer wil Wet betaalbare huur wijzigen zonder evaluatie

Image

Een meerderheid van de Tweede Kamer vindt dat minister Boekholt-O’Sullivan niet hoeft te wachten op de evaluatie van de Wet betaalbare huur om aanpassingen door te voeren. De motie van PRO-kamerlid De Hoop om eerst de evaluatie af te wachten, kreeg onvoldoende steun.

De Wet betaalbare huur trad in juli 2024 in werking met als doel extreme huurprijzen te perken. ndsdien vallen meer woningen onder een gereguleerde maximale huurprijs, gebaseerd op de kwaliteit van de woning. Gemeenten kunnen hier sinds 1 januari 2025 op handhaven. Nog geen anderhalf jaar later wil de minister de wet aanpassen, terwijl bij de invoering was afgesproken eerst een evaluatie uit te voeren.

Druk op huurmarkt

Enerzijds heeft de wet in veel gevallen geleidt tot een betaalbaardere huurprijs, anderzijds hebben sinds de invoering van de Wet betaalbare huur veel particuliere beleggers hun huurwoning verkocht. In combinatie met gestegen rentes en fiscale wijzigingen heeft dit geleid tot meer druk op de huurmarkt, stelt de Minsiter. In het coalitieakkoord van het Kabinet-Jetten I is daarnaast ook de ambitie opgenomen om het investeringsklimaat op de huurmarkt te verbeteren, zodat het huuraanbod weer kan toenemen.

Zorgen over betaalbaarheid

Tegelijkertijd leeft in de politiek de vrees dat een te snelle versoepeling van de wet weer zal leiden tot hogere huren mindere bescherming voor huurders. Ook heeft e Wet betaalbare huur geleid tot een groter aanbod van starterswoningen op de koopmarkt. Daarnaast is de professionele huur toegenomen en bleef het aandeel private huur op de woningmarkt in 2024 en 2025 stabiel op 14 procent.

De Woonbond maakt zich grote zorgen over de aanpassingen. “Huurders zijn in de private huursector gemiddeld al 42% van hun inkomen kwijt aan wonen.” schrijft de Woonbond in reactie op de motiestemming. De Woonbond roept de Kamer op om de wijzigingen in samenhang met bredere ontwikkelingen op de woningmarkt te beoordelen.

Eerder dit jaar riep ook al de VNG op om de Wet betaalbare huur en Wet goed verhuurderschap niet aan te passen voordat de evaluatie is afgerond. Volgens de VNG hebben gemeenten tijd nodig om met de nieuwe regels te werken. Te snelle aanpassingen maken handhaving lastiger en zorgen voor onzekerheid bij huurders, verhuurders en wellicht ook investeerders. 

Waarschijnlijk komt Minister Boekholt-O’Sullivan op 20 april met een kamerbrief over de voorgenomen aanpassingen. (DB)