Grote vraag: waarom zegt provincie Amsterdam nu de wacht aan?
Huisvesting statushouders Amsterdam - de feiten

Amsterdam schiet structureel tekort in het huisvesten van vluchtelingen met een verblijfsvergunning. Dat stelde de provincie Noord-Holland in een opmerkelijk persbericht waarin de hoofdstad de wacht wordt aangezet. Maar waarom nu? Eind vorig jaar had Amsterdam de jarenlange achterstand nagenoeg weggewerkt. NUL20 zet alle feiten op een rij.

Startblok Riekerhaven, eerste project van gemengde huisvesting statushouders en jonge Amsterdammers in tijdelijke huisvesting.
 
De huisvesting van statushouders is een wettelijke taak die de Rijksoverheid aan gemeenten oplegt. Elke gemeente krijgt halfjaarlijks een taakstelling die is gebaseerd op het inwonertal van de gemeente. Sinds 2014 loopt de gemeente Amsterdam achter in het huisvesten van statushouders. Met de hoge migratie-instroom in 2015 werd deze achterstand groter. Op 31 december 2015 betrof de achterstand 912 te huisvesten statushouders. 

Inhaalslag

Daarna is in samenwerking met de corporaties een grote inhaalslag gemaakt. Omdat de woningmarkt toen ook al krap was, heeft men in Amsterdam vooral ingezet op het toevoegen van tijdelijke woonunits zoals Startblok Riekerhaven; daarnaast zijn bestaande panden getransformeerd tot woningen voor studenten en statushouders. Bij deze projecten zijn vooral jonge statushouders gehuisvest, veelal in 50/50 verhouding met Nederlandse jongeren/studenten. Tenslotte worden ook in de reguliere sociale voorraad statushouders gehuisvest. De bouw van de tijdelijke projecten moest in het begin nog op gang komen waardoor er een achterstand ontstond. Tot op heden zijn hiervoor bijna 2.400 woningen voor statushouders gerealiseerd of gepland. In totaal heeft Amsterdam 5.643 statushouders gehuisvest sinds 1 januari 2016. Amsterdam huisvest relatief weinig gezinnen. De gemiddelde omvang van de ondergebrachte huishoudens is 1,7 persoon. 
bron: provincie Noord-Holland

Onderstaande grafiek maakt duidelijk dat Amsterdam een grote inhaalslag heeft gemaakt in het huisvesting van statushouders. Terwijl de achterstand halverwege 2016 nog 1.015 bedroeg, is die eind 2019 geslonken tot 86 te huisvesten statushouders. De achterstand is dus nagenoeg ingelopen.
 
Bronnen: provincie Noord-Holland en gemeente Amsterdam, klik op grafiek voor vergroting

De wacht aangezegd

De gemeente Amsterdam moet in de eerste helft van dit jaar 472 statushouders huisvesten om de achterstand weg te werken. Dit aantal is een opsomming van de achterstand (86) van 2019, de taakstelling voor de eerste helft van 2020 (266) plus 120 extra te huisvesten statushouders waarvoor eerder uitstel was verkregen vanwege de huisvesting van de EBTL. Deze Extra Begeleiding en ToezichtLocatie van het COA, bedoeld om overlastgevende asielzoekers onder een sober en strikte regime onder te brengen, sloot op 31 oktober 2019 zijn deuren.
De provincie heeft de gemeente tot 1 juli gegeven om de achterstand in te lopen. Anders dreigt, zoals dat formeel heet, 'indeplaatsstelling'. 
 
Wethouder Laurens Ivens reageerde verbolgen: "Terwijl er historisch weinig sociale huurwoningen vrijkomen en er gigantisch veel mensen deze woningen dringend nodig hebben, is het ons toch gelukt om de achterstand nagenoeg weg te werken. Van ruim 1.000 in 2016 naar 86 nu. Dat juist op dit moment de provincie dan deze stap zet, doet geen recht aan de enorme inspanningen die de Amsterdamse corporaties en de gemeente de afgelopen tijd hebben geleverd."
Amsterdam heeft als beleid maximaal 30 procent van de vrijkomende sociale huurwoningen aan 'kwetsbare groepen' toe te wijzen. Daartoe horen naast andere urgenten ook de statushouders. Dit om ook reguliere woningzoekenden nog enig perspectief te bieden.
 
De aankondiging van de provincie komt volgens Ivens bovendien uit de lucht vallen, zo blijkt uit zijn brief aan de gemeenteraad. Hij wijst daarop op het feit dat er regelmatig overleg plaatsvindt met de provincie en dat Amsterdam zich tot dusver op de derde trede van een zogeheten 'interventieladder' bevond. De zesde tree is de indeplaatsstelling, dat waar de provincie nu mee dreigt.
Wat kan het provinciebestuur vanaf 1 juli doen? Formeel kan het taken van het college overnemen om te voorzien in de huisvesting van statushouders. Het gemeentelijk apparaat wordt geacht daaraan mee te werken. Ook kan de provincie in regiogemeenten zoeken naar (tijdelijke) oplossingen en de rekening vervolgens naar Amsterdam sturen. Dan is althans een suggestie die de provincie zelf doet in haar persbericht.
 
De woordvoerder van de provincie laat weten dat er meerdere malen met Amsterdam is afgesproken de achterstand naar nul terug te brengen, maar dat dit nog steeds niet is gelukt. De provincie vindt dat ze het naar gemeenten, die wel tijdig hun taakstelling realiseren, niet kan rechtvaardigen om nog verder uitstel te verlenen aan de gemeente Amsterdam.
 
Ivens zegt in zijn brief aan de raad dat hij er ongewijzigd naar blijft streven de achterstand zo snel mogelijk weg te werken. "Door nauw samen te werken met de corporaties hopen we de feitelijke indeplaatsstelling te voorkomen."