Corporatiewoningen: minder en duurder

De eerste Monitor Betaalbare voorraad van de Stadsregio Amsterdam
Corporatiewoningen: minder en duurder

Kortgeleden verscheen de eerste Monitor Betaalbare voorraad van de Stadsregio Amsterdam. Deze monitor is opgesteld in opdracht van de Stadsregio Amsterdam en het Platform Woningcorporaties Noordvleugel Randstad (PWNR). Zij beogen hiermee de trends op de sociale huurmarkt, in het middensegment en de betaalbare koop beter te volgen.

Op basis van die trends kunnen de partijen bespreken of er aanleiding is tot het bijstellen van het regionaal kader dan wel de lokale prestatieafspraken. De monitor is een aanvulling op de jaarlijkse Rapportage Woonruimteverdeling, waarin wordt gerapporteerd over de verdeling van sociale huurwoningen. Deze monitor fungeert als nulmeting.

StadsregioDe sociale woningvoorraad van corporaties wordt jaarlijks kleiner. Die ontwikkeling zet zich ook in 2013 door, blijkt uit de monitor. Het aantal sociale huurwoningen van corporaties nam in Amsterdam af met 1 procent, of bijna 2000 woningen, naar 192.884. Dat kwam door verkoop (1777), liberalisatie (754) en sloop (546). Aan de pluszijde staat de oplevering van 1094 nieuwe woningen, voor een derde bestaande uit studentenwoningen. In de rest van de Stadsregio nam het aantal sociale huurwoningen van corporaties in 2013 relatief minder af: in deelregio Noord 0,3 procent en in deelregio Zuid 0,7 procent. Ten zuiden van Amsterdam - met Amstelveen en Haarlemmermeer als grootste plaatsen - is het aandeel sociale huurwoningen relatief klein.

 

Mutaties sociale woningvoorraad in 2013 (grafiek)


Van het corporatiebezit neemt vooral het aantal goedkopere huurwoningen (met een huur onder de aftoppingsgrens, <€574 in 2013, nu €597) af, terwijl er woningen bijkomen in het hogere sociale segment (€597-699) én het vrije sector huursegment (huren vanaf €699).
Het overgrote deel van de bestaande voorraad heeft nog een huur onder de 597 euro. Zelfs in de deelregio Zuid, waar dit segment relatief het kleinste is: 76 procent zit onder deze huuraftoppingsgrens. In de hele Stadsregio is het 82 procent.
Afgezien van sloop en nieuwbouw geldt: wat er aan de ene kant afgaat, komt er aan de andere kant bij. Meer vrijesectorhuur en meer koopwoningen dus. Corporaties verhuurden in 2013 in Amsterdam 17 procent van hun vrijkomende woningen in de vrije sector; in de rest van de stadsregio zo’n 11 tot 12 procent. De woningen die corporaties verkopen hebben voor 85 procent een prijs beneden de 203.000 euro. Ze zijn daarmee volgens de monitor bereikbaar voor huishoudens met een inkomen tot 43.000 euro.

 

nieuwe Verhuringen in huurklassen (grafiek)


Corporaties verhuurden in 2013 in de gehele Stadsregio ruim 10.000 sociale huurwoningen via WoningNet. Inclusief studentenverhuur en verhuur via directe bemiddeling bleef de aanvangshuur van 60 procent (Amsterdam 59%) van die woningen beneden de hoge huuraftoppingsgrens (€597).
In de gehele Stadsregio verhuurden corporaties in 2013 meer dan 16.000 sociale huurwoningen en studentenwoningen met een huurprijs beneden de 699 euro, dit is 85 procent van het totaal aantal verhuringen in de Stadsregio (exclusief de tijdelijke verhuur en gebruiksovereenkomsten).

 

Onderverdeling alle verhuringen corporatiewoningen


De woningcorporaties hebben per 1 januari 2014 bijna 283.000 huurwoningen in de Stadsregio Amsterdam in bezit, waarvan ruim 12.000 onzelfstandige eenheden. In totaal kregen ruim 24.000 huurwoningen nieuwe bewoners, dat is inclusief alle  tijdelijke verhuur, gebruiksovereenkomsten, directe bemiddeling via instellingen en vrijesectorhuur. Vooral in Amsterdam, Amstelveen en Diemen wordt relatief veel aan studenten verhuurd.

Deel