Overslaan en naar de inhoud gaan

Evaluatie: opkoopbescherming remt buy-to-let in Amsterdam aanzienlijk

Image

De Amsterdamse opkoopbescherming heeft het kopen van woningen voor verhuur behoorlijk teruggedrongen. Uit een evaluatie over de periode 2022–2024 blijkt dat het aandeel zogenoemde buy-to-let-aankopen sterk is gedaald, terwijl meer woningen beschikbaar zijn gekomen voor eigenaar-bewoning. Met name starters profiteren hiervan.

De maatregel werd op 1 april 2022 ingevoerd en verbiedt het verhuren van goedkope en middeldure koopwoningen in de eerste vier jaar na aankoop. In 2024 lag de grens bij een WOZ-waarde van 641.000 euro. In 2026 op 623.000 euro. Alle woningen met een WOZ-waarde lager dan die grens, vallen onder de opkoopbescherming. In 2025 lag de grens Volgens het college van B en W is de opkoopbescherming, in combinatie met landelijke maatregelen, een belangrijk onderdeel van de Amsterdamse aanpak van de wooncrisis.

Wethouder Zita Pels (Volkshuisvesting) noemt de resultaten bemoedigend: "De wooncrisis is groot in Amsterdam. Daarom moeten we alles op alles zetten om woningen beschikbaar te houden voor mensen die er zelf willen wonen. Deze maatregel helpt daarbij.”

Buy-to-let vrijwel verdwenen

Uit de evaluatie blijkt dat het aandeel woningen dat wordt gekocht door (potentiële) particuliere verhuurders sterk is afgenomen. Waar in 2020 nog 21 procent van de aankopen buy-to-let betrof en in 2021 9 procent, was dit in 2024 gedaald tot 3 procent. Bij woningen die direct onder de opkoopbescherming vallen, ging het zelfs om slechts 2 procent.

Deze daling heeft geleid tot een groter aanbod voor koopstarters en doorstromers die zelf in de woning willen gaan wonen. In 2024 maakten bovendien aanzienlijk meer woningen de overgang van particuliere huur naar eigenaar-bewoning dan andersom: 8.247 tegenover 3.440. Dat versterkt de positie van starters op de koopmarkt.

Geen vlucht naar duurdere woningen

Een veelgehoorde zorg bij de invoering van de opkoopbescherming was dat beleggers zouden uitwijken naar woningen net boven de vastgestelde grens. Volgens de evaluatie is daarvan geen sprake. De grens van de regeling wordt jaarlijks aangepast op basis van de WOZ-waarde, waardoor het goedkope en middeldure segment beschermd blijft.

Een verdere uitbreiding van de opkoopbescherming is juridisch niet mogelijk. De Huisvestingswet staat gemeenten alleen toe om goedkope en middeldure koopwoningen te beschermen; een verruiming naar bijvoorbeeld 80 procent van de koopwoningvoorraad is daarmee uitgesloten.

Het college ziet de uitkomsten als bevestiging dat de opkoopbescherming bijdraagt aan het uitgangspunt dat woningen in de eerste plaats bedoeld zijn om in te wonen, en niet primair als beleggingsobject. 

Vergunningen

Soms mag een woning die onder de opkoopbescherming valt toch verhuurd worden. In 2024 werden 66 vergunningen en 23 ontheffingen verleend. De meeste vergunningen werden verleend voor verhuur aan familie. (ND)