Amsterdamse wooncoaches hebben beperkte armslag

Maatwerk-verhuizing tussen corporaties nog niet mogelijk
Amsterdamse wooncoaches hebben beperkte armslag

Na succesverhalen elders heeft Amsterdam ze sinds dit voorjaar ook: wooncoaches die ouderen helpen bij een eventuele volgende stap in hun wooncarrière. Deze zomer wordt de pilot geëvalueerd. Maar nu is al duidelijk dat hun instrumentarium beperkt is.

De wooncoach: zo zit het

De pilot met de wooncoach is een samenwerkingsproject van de Huurdersvereniging Amsterdam, het Amsterdams Steunpunt Wonen (ASW) en de Wijksteunpunten Wonen in de stadsdelen Centrum, West, Zuid en Oost. Het project is afgestemd met de corporaties en wordt gesubsidieerd door de gemeente. De pilot wordt na 1 augustus geëvalueerd, maar de gemeente heeft al laten weten ermee door te willen gaan.  Voor het project zijn twaalf vrijwillige wooncoaches opgeleid door het ASW. Ze geven in hun eigen wijk ouderen advies op maat over prettig en veilig wonen en maken een inventarisatie van woonwensen. Het bewerkstelligen van verhuizingen is niet het primaire doel, benadrukt projectleider Floor Beckers. De voorlichting kan ook gaan over mogelijke aanpassingen aan de huidige woning.

Van half maart tot begin juni zijn zo’n dertig huishoudens bezocht, waarvan er inmiddels één is verhuisd.

“De corporatie krijgt er een prachtige woning voor terug. Die zou ze kunnen verhuren aan een gezin, maar ook kunnen verkopen”, aldus ‘wooncoach’ Schelto Doyer. Hij heeft het over de woning van een hoogbejaard stel dat graag had willen verhuizen in het kader van de maatwerkregeling Van Groot naar Beter. Helaas voor het echtpaar lukt dat niet: de indrukwekkende maisonnette met vide aan een gracht in West heeft niet de vereiste vijf kamers, maar vier, en meet geen 70 maar 68 vierkante meter.  
Doyer, architect van beroep, behoort sinds half maart tot de eerste lichting wooncoaches in Amsterdam. Hij gaat vrijwillig bij 65-plussers langs om die voorlichting te geven over de al jaren bestaande, maar weinig gebruikte regelingen Van Hoog naar Laag en Van Groot naar Beter. Die moeten ervoor zorgen dat ouderen comfortabel kunnen blijven wonen. De regelingen moeten tegelijkertijd leiden tot meer doorstroming op de woningmarkt. Ook geeft Doyer voorlichting over woningaanpassingen waardoor ouderen in de woning kunnen blijven, en over het zoeken op WoningNet. Eventueel helpt hij met zoeken.
Inmiddels heeft hij dertien huishoudens bezocht. Daarbij heeft hij één daadwerkelijke verhuizing bewerkstelligd, maar is hij ook gestuit op beperkingen die er zijn om ouderen tot verhuizen te verleiden.
In het bovenstaande geval vindt Doyer de regels te streng. “Volgens de corporatie kan het echtpaar snel zelf een geschikte woning vinden, omdat het zo’n lange woonduur heeft. Maar het is lastig zoeken voor hen op WoningNet. Bovendien worden ze dan met een hoge huur geconfronteerd, terwijl de huur met de Van-Groot-naar-Beter-regeling gelijk zou blijven.” Een verhuizing is noodzakelijk, omdat de vrouw van het stel ongeneeslijk ziek is.
Doyer heeft meer ouderen gesproken die in een nijpende situatie verkeren, maar niet met de twee maatwerkregelingen kunnen worden geholpen.

Huursprong

Voorwaarden maatwerkregelingen

Van Hoog naar Laag: 

  • 65 jaar of ouder
  • Sociale huurwoning op 2e etage of hoger zonder lift
  • Huren van een deelnemende corporatie (de Alliantie, Ymere, Stadgenoot en Eigen Haard) 
  • Doorstromen naar woning van deelnemende corporatie in dezelfde buurt

Van Groot naar Beter

  • Huidige woning: minimaal vijf kamers en 70 m2
  • Huishouden maximaal drie personen
  • Verhuiskostenvergoeding: 4500-6000 euro, afhankelijk van grootte achtergelaten woning, alleen werkelijk gemaakte kosten

Ouderen hebben de afgelopen jaren weinig gebruik gemaakt van de regelingen. Dat komt door onbekendheid, maar ook door de huursprong waarmee geïnteresseerden zich geconfronteerd zagen. Daarom werd anderhalf jaar geleden stedelijk afgesproken de huur gelijk te houden bij een verhuizing in het kader van deze maatwerkregelingen - ook bij verhuizing naar een woning van een andere corporatie.
Maar dat laatste is nog steeds niet geregeld. Bij verhuizing naar een woning van een andere corporatie is doorgaans nog steeds sprake van een huursprong. Daardoor is het instrumentarium van een wooncoach om een verhuizing aantrekkelijk te maken voor ouderen beperkt, zo merken Doyer en projectcoördinator Floor Beckers van het Amsterdams Steunpunt Wonen op.
“Het is nog niet gelukt, maar we willen het nu vóór 1 januari regelen”, legt Jeroen Rous van de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties (AFWC) uit. Bij een verhuizing tussen corporaties zou de ontvangende corporatie huur derven, omdat de huur niet geharmoniseerd kan worden. Er zou daarom een soort verdeelsleutel moeten komen. Maar volgens Rous is het de vraag of die er direct al moet zijn: “Wellicht kunnen we er ook gewoon mee beginnen en kijken wat er gebeurt.”
De pilot is tegelijkertijd een onderzoek naar woonwensen van ouderen en naar wat er zoal bij hen speelt aan woonperikelen. “Er wordt altijd gezegd dat ouderen niet willen verhuizen. Maar mensen die zich aanmelden voor de wooncoach overwegen dat wel. Ze blijven inderdaad liever in hun huis, maar realiseren zich dat dat op den duur niet meer kan.”
De laatste tijd heeft Doyer minder te doen; na de eerste toestroom nemen de aanmeldingen af. “De wooncoaches moeten informeren over de regelingen die er zijn, maar we zijn zelf, denk ik, nog niet erg bekend bij de doelgroep. De corporaties zouden huurders van boven de 65 kunnen aanschrijven om te vertellen dat we er zijn.”

 

Wooncoach Zandvoort groot succes
Terwijl Amsterdam schoorvoetend is begonnen met wooncoaches en maatwerk zonder huursprong, blijkt een initiatief van De Key hiermee in Zandvoort een groot succes. De corporatie begon in maart vorig jaar met een wooncoach en schreef zo’n vierhonderd 65-plussers in eengezinswoningen aan over de mogelijkheid naar een geschikt appartement te verhuizen.
Vierenzestig huishoudens meldden zich aan, waarvan er begin deze maand ruim twintig waren verhuisd of op het punt stonden te verhuizen. “Het komt mede door de kleinschaligheid en doordat De Key de enige corporatie is hier”, zo verklaart wooncoach Tanja Paap het succes. “Zandvoort is klein en de mensen weten waar ze terechtkomen.”
De betrokken woningen kunnen worden verkocht of verhuurd, sociaal of in de vrije sector, afhankelijk van inkomen en interesse van de eerste kandidaat. De Key zou een ideale verhuisketen van vier schakels willen bewerkstelligen. Dat gaat zo: de eengezinswoning wordt betrokken door een gezin uit een vierkamerflat, die weer in gebruik wordt genomen door een huishouden uit een driekamerappartement. Dat laatste is dan beschikbaar voor starters onder de 25 jaar. Doorstromers die huren bij De Key hebben voorrang bij vrijgekomen woningen. “Meestal eindigt het bij de derde schakel, maar soms halen we ook de vierde”, aldus Paap.
De Key derft weliswaar een huursprong, maar kan dat weer compenseren door hogere huren van andere betrokken woningen.
Naast de gelijkblijvende huur (maar wel met de hogere servicekosten van een appartement) worden de ouderen verleid met een verhuiskostenvergoeding van 1500 euro.
Het project duurt in ieder geval twee jaar.