Overslaan en naar de inhoud gaan

Wild Amsterdam. De natuur van de stad

De gemeente Amsterdam loopt tegenwoordig voorop met natuurlijk beheer en ruimte voor de natuur bij bouwactiviteiten, maar dat is niet uit de lucht komen vallen. Het komt voort uit de inspanningen van veel natuurliefhebbers over een lange periode, toont Wild Amsterdam . Dit fraai geïllustreerde boek van de Amsterdamse afdeling van de Koninklijke Nederlandse Natuur Vereniging markeert het 125-jarig jubileum van deze oudste algemene natuurvereniging van ons land.

Vinger aan de pols houden

Wild Amsterdam is gelaagd van opbouw met bijdragen van een groot aantal deskundige auteurs. Vijftien geïnterviewde natuurvorsers vertellen waar hun aandacht voor de natuur vandaan komt en hoe zij nu de vinger aan de pols houden in stad en ommeland. Denk daarbij niet alleen aan planten, vogels, vissen en zoogdieren, maar ook aan korstmossen, paddenstoelen, schimmels en amfibieën.

Twintig ‘kortjes’ zoomen in op evenzo vele dieren, van het Bont Zandoogje tot de Kleine Watersalamander en van de Valse Wolfspin tot de Noordse woelmuis. De bulk van het boek bestaat uit een kleine twintig essays met veelal een natuurhistorisch karakter: terugkijken om vooruit te zien.

“Inspirerend om in een veenmoeras onder de zeespiegel te wonen”

Het essay ‘Hoe planten en dieren aan hun naam komen’ begint 45.000 jaar geleden, maar met wat grote stappen komen al snel de bekende Maria Sibylla Merian, Linnaeus, en Jac. P. Thijsse voorbij. Een stuk over klimaatverandering gaat iets minder ver terug, naar de laatste ijstijd, en kijkt gretig vooruit naar de mogelijke komst van de dwergooruil uit Mediterrane streken. De ontwikkeling van veenlandschap naar scheggenstad waar de bewoners onder de zeespiegel wonen, komt in beeld vanaf de 12e eeuw en in een bijdrage over de ontwikkeling van Waterland.

Dat ook de strijd tussen stedelijke functies al een heel verleden achter zich heeft, toont het essay ‘Van keurtuin en Algemeen Uitbreidings Plan tot Hoofdgroenstructuur’.

Stadsflora in het Urbane District

Sinds de jaren negentig van de vorige eeuw heeft de stadsflora op een stenige, warme bodem – de stad is een hitte-eiland – de status van een eigen natuurdomein: het Urbane District. ‘Tussen hitte en verstilling’ voert planten ten tonele aan gracht- en kademuren, tussen steenvoegen, rond straatmeubilair, bij openbare urinoir en in beschaduwde, vochtige stegen.

Gezien de vele bedreigingen voor de natuur ligt een sombere toonzetting in de lijn der verwachting, zoals eerder in het jubileumboek bij het honderdjarig bestaan. De toon is echter opvallend optimistisch, het meest uitgesproken in het stuk ‘Het nieuwe bouwen met de natuur als leidraad’. Met terugwerkende kracht stellen de auteurs dat Amsterdam een lange traditie heeft van natuurinclusief bouwen, van de bomen langs de grachten via het Boschplan en het lobbenmodel tot de Groenvisie Amsterdam 2020-2050: “We gaan de goede kant op.” De afsluitende bijdragen, ‘Om liefde voor het leven’ en ‘Natuurbescherming is geen luxe’, hebben een filosofische en activistische inslag.

Deel uitmaken van de natuur

De omslagfoto van keurige huisjes aan de Durgerdammerdijk omgeven door grasland maakt niet direct een wilde indruk, maar in tekst en beeld biedt Wild Amsterdam een caleidoscopisch beeld van de stadsnatuur waar wij deel van uitmaken en waar natuurinclusieve maatregelen aan bijdragen. Voor wie werkt in de vakwereld van bouwen en wonen is het boek iets te specialistisch om het van voor tot achter door te nemen. Maar het biedt bouwers, gebiedsontwikkelaars en gebouwenbeheerders inspirerende kennis over wat hun inspanningen kunnen opleveren, en in welke natuurhistorische tradities zij zijn komen te staan.

Joop de Haan

Wild Amsterdam De natuur van de stad
Koninklijke Nederlandse Natuur Vereniging afdeling Amsterdam

Onder redactie van Rob Biersma
ISBN 9789464714043
€29,90, €22,50 voor leden KNNV.