"Scheefwoners kunnen geen kant op"

10.10.2016
Onderzoeker Raymond Frederiks onderzocht de vraag 'wat wil en kan de scheefwoner in Amsterdam'. Het antwoord laat zich raden: niet veel. De meeste scheefwoners hebben een bescheiden middeninkomen en zien geen aanleiding of geen mogelijkheden om te verhuizen. Betaalbare alternatieven ontbreken en financiële prikkels zoals de inkomensafhankelijke huurverhoging hebben geen effect. Frederiks deed zijn onderzoek in opdracht van de Universiteit van Amsterdam en corporatie Stadgenoot.  
 
Frederiks onderzocht welke omstandigheden er aan kunnen bijdragen dat 'goedkope scheefwoners' doorstromen naar de vrije sector. Hij stuurde daartoe enquêtes naar alle sociale huurders van Stadgenoot, De Alliantie en Rochdale. Meer dan 1.100 'scheefwoners' - met een inkomen boven de toelatingsgrens van 35.739 euro - reageerden. Het gaat dus niet om een representatieve steekproef. Hij interviewde ook twee focusgroepen.
Veel scheefwoners uit de steekproef (ruim 1.100 respondenten) hebben een inkomen dat niet veel hoger ligt dan de EU-toelatingsgrens; voor deze lage middeninkomens lijkt een stap naar vrijesectorhuur in Amsterdam onwaarschijnlijk: de prijs die men bereid is te betalen ligt vaak zelfs onder de liberalisatiegrens.
Frederiks concludeert dat voor veel scheefwoners de vrije huursector geen optie is. Ofwel men woont met tevredenheid in de huidige woning, of er is geen aanleiding om te verhuizen. Ook financiële prikkels dragen niet bij aan meer doorstroming, aangezien de alternatieven er in hun beleving niet zijn. De inkomensafhankelijke huurverhoging frustreert daarom vooral, met name gezinnen in een relatief grote sociale huurwoning. Zij betalen meestal al een stevige huur en vergelijkbare woningen in de vrije sector zijn onbetaalbaar. Daarnaast weerhoudt onzekerheid over het toekomstige inkomen huishoudens de stap te maken naar de vrije sector.
Volgens Frederiks kunnen corporaties hun communicatie rond de inkomensafhankelijke huurverhoging maar beter aanpassen: vooral benadrukken dat de verhoging dient om een meer rechtvaardige huurprijs voor goedkopere huurwoningen te krijgen en niet om huurders tot doorstromen te bewegen. "Want zelfs als je wil verhuizen, kun je nergens heen,” aldus een respondent.
Doorstromen maakt volgens Frederiks alleen kans als het aanbod in het prijssegment net boven de liberalisatiegrens wordt vergroot. En als randgemeenten en bij Amsterdamse uitleglocaties woonmilieus worden gebouwd die aantrekkelijk zijn voor op Amsterdam georiënteerde huishoudens. Wat verder zou helpen: sociale huurders die een woning achterlaten voorrang geven.
 

Trefwoorden