Leegstandbeheer als woonvorm

Anti-krakers meer op hun hoede voor koperdieven dan voor krakers
Leegstandbeheer als woonvorm

Achter de ramen van een voormalig verzorgingshuis in Slotermeer hangen de rood-groene posters van de leegstandbeheerder: ‘bewaking door bewoning’. Nog voor de laatste ouderen het A.H. Gerhardhuis ruim een jaar geleden verlieten, namen de eerste antikrakers er hun intrek. Inmiddels wonen er ruim honderd mensen via een gebruiksovereenkomst.

Bewoonster Carolien (36, student Rietveldacademie) beheert vandaag de receptie. Met verve wijdt ze zich aan deze taak, die ze drie dagen per week namens leegstandbeheerder Camelot vervult. Want iedere dag is het een komen en gaan in het ‘leegstaande’ gebouw aan de Slotermeerlaan. Vandaag lopen werklieden van KPN in en uit. Zij komen de GSM-mast op het dak inspecteren. Daarnaast is er de vaste aanloop van cliënten van de fysiotherapeuten en pedicure die praktijk zijn blijven houden in het gebouw.
Het is de taak van de bewoners/receptionisten om ongenode bezoekers te weren. Carolien: “Daar staat een kleine vergoeding tegenover maar we doen het vooral vanuit een gevoel van verantwoordelijkheid. Behalve dat we beheerders zijn van het gebouw, willen we als bewoners ook niet dat er mensen door het gebouw zwerven die hier niets te zoeken hebben.”
Esther (29, student HvA) is net als Carolien een van de eerste bewoners van het pand. Voor ze naar Slotermeer kwam, woonde ze eveneens namens Camelot antikraak in Amstelveen. “Dat pand werd opgeknapt en ik kon direct verhuizen naar Slotermeer. Ik ben heel tevreden met de ruimte die ik hier heb gekregen. En we hebben alle nodige voorzieningen zoals kabel en een internetaansluiting.”
Dat de bewoners het gebouw – eigendom van corporatie Woonzorg Nederland – goed bewaken bewezen ze onlangs toen insluipers via een raam het pand waren binnengedrongen. “Die hebben we met een stel andere bewoners in no-time weer naar buiten gewerkt,” meldt Carolien. Esther voegt daar aan toe: “We worden antikraak genoemd maar tegenwoordig moet je meer op je hoede zijn voor koperdieven.”
Davita (19, studente) verhuisde drie maanden geleden vanuit haar ouderlijk huis naar de Slotermeerlaan. “Toen ik hier de eerste keer binnenkwam merkte ik direct dat er een goede sfeer hing en ik viel ook meteen voor de kamer die me werd aangeboden. Inmiddels ken ik al veel andere bewoners en dat is prettig. Maar tegelijkertijd woon je ook lekker vrij.”

Avontuurlijk wonen

Bedrijven voor leegstandbeheer krijgen nogal eens de kritiek dat ze bijvoorbeeld de privacy van hun contractanten schenden door onaangekondigd bij ze binnen te stappen voor controle. De drie bewoonsters van de Slotermeerlaan delen die kritiek niet. De controleurs van Camelot kondigen vier weken van te voren aan wanneer ze van plan zijn langs te komen. Esther: “Ik heb geen probleem met die controles en als het nodig is heb je nog alle tijd om je kamer op te ruimen. De controles betreffen voornamelijk de rookmelders op de kamers en de aanwezigheid van blusdekens en blusapparatuur. Onderling doen we trouwens ook aan sociale controle. Zo waarschuwen we medebewoners wanneer ze volle vuilniszakken of fietsen op de gang laten staan.”
Het onzekere bestaan als antikraker vindt geen van de dames een probleem. Carolien: “Mensen hebben verschillende redenen om antikraak te gaan wonen. Vaak is het uit noodzaak, bijvoorbeeld voor iemand die net gescheiden is en zo snel niets anders kan vinden of jongeren die uit huis willen en weinig geld te besteden hebben. En dan heb je ook nog mensen die het avontuur opzoeken, zoals ik. Ik vind het leuk om steeds in een ander deel van de stad te wonen met iedere keer andere mensen. Dat je maar vier weken hebt om te verkassen maakt het alleen maar spannender. Daar komt bij dat we een heel redelijke vergoeding betalen per maand.”

Riant onderkomen

Het wordt tijd voor een rondje door het gebouw. Voor antikraakbegrippen heeft Esther een riant onderkomen met eigen keuken die op andere verdiepingen gemeenschappelijk wordt gebruikt. Verder een groot balkon en zelfs een aparte slaapkamer. “Ja, ik heb geen klagen. Wat dat betreft is het jammer dat we hier ooit weer weg moeten. Ik kan er wat ruimte betreft alleen maar op achteruitgaan.”
Carolien en Davita zitten een paar verdiepingen hoger, iets minder riant dan Esther (geen eigen keuken maar wel een douche/wc) maar daar tegenover staat weer een wijds uitzicht over het Sloterpark. Beiden hebben slechts een elektrisch kookplaatje en zijn dus aangewezen op de gemeenschappelijke keuken. Davita: “Maar samen koken en eten is er nog niet van gekomen. Misschien dat dat vaker zal gebeuren nu er steeds meer bewoners bij komen. Maar voor mij hoeft dat niet per se.”
De afgelopen weken worden met regelmaat van de klok jongeren met hun huisraad door ouders bij het gebouw afgeleverd. Maar het drietal benadrukt dat er zeker niet alleen jonge studenten wonen. Zzp-ers, kunstenaars, gescheiden mannen en van alle leeftijden, sommen ze op. Wanneer we door de gangen lopen, klinkt uit een van de kamers vioolmuziek. “Ha, dat is Friedmar,” roept Carolien en resoluut klopt ze op een van de deuren. Een verbaasde man, viool en strijkstok nog in de hand, doet de deur open. Friedmar (44) vertelt dat hij een week geleden is aangekomen. Hij heeft een kleine ruimte maar is heel tevreden. “Ik woonde hiervoor in een soort woongroep maar dat beviel me niks. Hier kun je meer op jezelf zijn. En meer dan een bed, mijn viool en een muziekstandaard heb ik niet nodig. Ik ben veel op pad voor optredens.”
Uiteindelijk dalen we af naar wat ooit de keuken van het verzorgingshuis was. Alle apparatuur en leidingen zijn weggehaald en de onttakelde ruimte doet aan als een oorlogsgebied. “Ja, zo zien (anti-)kraakpanden er ook meestal uit. Dan boffen wij maar mooi met de rest van het gebouw”, is het droge commentaar van Carolien.

 

Antikraak en leegstandbeheer: zo zit het
Antikraak ontstond in de jaren tachtig toen nog volop werd gekraakt en huiseigenaren probeerden hun leegstaande onroerend goed met kraakwachten te beschermen. Sinds de aanname van de wet Kraken en Leegstand in 2010 is kraken een illegale daad, maar wonen met een gebruikerscontract lijkt sindsdien alleen maar te zijn toegenomen. De oorzaak daarvan ligt in de toegenomen leegstand. Concrete cijfers kan zowel de Vereniging Leegstandbeheer Nederland (VLBN) als de AFWC echter niet geven. Onbekend is dus hoeveel kantoren en corporatiewoningen er precies via leegstandbeheer worden bewoond. Een zeer ruwe schatting is dat in Amsterdam tussen de vijf- en de tienduizend mensen antikraak wonen, van wie zo’n duizend een corporatiewoning beheren. Bij de landelijke VLBN zijn zeven leegstandbeheerders aangesloten. De vereniging heeft een paar jaar geleden een eigen keurmerk ingevoerd. In 2011 hebben de Huurdersvereniging Amsterdam en de AFWC nog een eigen normenset opgesteld voor leegstandbeheer van corporatiewoningen. Daarin is vastgelegd dat leegstandbeheerders moeten voldoen aan bepaalde kwaliteitseisen wat betreft privacy, opzegtermijn, een redelijke gebruiksvergoeding en een klachtenprocedure. Uitgangspunt voor de gebruiksvergoeding is dat uitsluitend een vergoeding mag worden gevraagd voor geleverde diensten. Dan gaat het om zaken als gas, water, elektra en schoonmaak.  Klachten kunnen antikrakers sinds kort niet alleen kwijt op de website van de VLBN maar ook bij het Meldpunt Ongewenst Verhuurgedrag. Die laatste mogelijkheid wordt momenteel beter onder de aandacht gebracht van bewoners met een gebruiksovereenkomst. De Bond Precaire Woonvormen verzamelt ook klachten van bewoners die in tijdelijke verhuur of antikraak wonen. In verhouding met het grote aantal mensen dat in Amsterdam via een gebruiksovereenkomst woont, lijkt het aantal klachten vooralsnog mee te vallen. 

 

Trefwoorden: