Geen geld meer voor nieuwe plannen en tegenvallers

Geen geld meer voor nieuwe plannen en tegenvallers
Stand Vereveningsfonds baart zorgen

Wethouder Stadig kan niet het verwijt krijgen dat hij een lijk in kast nalaat. Maar zijn bekendmaking vlak voor de verkiezingen dat de vrije reserves in de ruimtelijke fondsen van de gemeente zijn opgedroogd, is heel slecht nieuws voor zijn opvolger. Voor nieuwe bouwplannen is geen geld en voor tegenvallers in lopende plannen geen dekking. Zelfs de gemeentelijke bijdrage aan de sociale woningbouw staat ter discussie.

Wethouder Duco Stadig begon de bewuste drukbezochte persconferentie begin maart nog optimistisch. De bestaande plannen voor woningbouw tot 2010 lopen geen direct gevaar. Daarvoor is in het Vereveningsfonds een miljard euro aan voorzieningen weggezet. “Maar”, voegt OGA-directeur Edo Arnoldussen er meteen aan toe: “dan moet in de tussentijd niets tegenzitten, bijvoorbeeld op de kantorenmarkt.”
En juist daar ligt een probleem. De miljoenen stroomden altijd binnen dankzij de hoge grondprijzen voor kantoren en bijbehorende parkeerplaatsen. Maar de kantoormarkt ligt op zijn gat. Daarom worden nu alle plannen doorgelicht.
Vrije reserves zijn er niet meer. Sterker nog: de algemene reserve van het Vereveningsfonds is 26 miljoen euro negatief. Dat tekort kan tegen 2010 oplopen tot enige honderden miljoenen euro’s, want tegenvallers zijn er altijd. Het voeren van een strakke financiële regie wordt nu een hoofdactiviteit van het Ontwikkelingsbedrijf van de gemeente Amsterdam (OGA). Het OGA zette in de recente financiële nota Ruimte winnen nog een scala aan beheersmatige en politiek-bestuurlijke maatregelen op een rij.

Keuzes maken

Het liefst ziet Amsterdam dat het Rijk weer structureel gaat bijdragen aan de woningproductie. Maar de kans is groot dat de nieuwe gemeenteraad pijnlijke keuzes moet maken. Het OGA heeft vast wat mogelijkheden op een rij gezet. Dat varieert van het herzien van bestaande plannen, het verminderen van het aandeel sociale huurwoningen, verhoging van de grondprijs van sociale huurwoningen tot een andere uitvoering van grote projecten zoals de Zuidas en IJburg. Allemaal plannen die in schril contrast staan met de verkiezingsprogramma’s van met name de linkse partijen.
Kind van de rekening zou de sociale woningbouw kunnen worden. Daarop legt de gemeente miljoenen toe (33.000 euro per stuk). Er zijn zoals gezegd diverse varianten denkbaar, zoals afzien van sociale woningbouw op dure locaties of een hogere grondprijs vragen voor sociale huurwoningen. Maar dat laatste maakt het voor corporaties nog onrendabeler om sociale huurwoningen te bouwen. “Dat is ongewenst. Zo’n 30 procent sociale huur bij nieuwbouw blijft in de toekomst nodig, voor locaties als IJburg, voor de vernieuwingsgebieden, maar ook voor ouderen en grote gezinnen,” zegt Hans van Harten van de Federatie van Amsterdamse corporaties. “We leggen nu al 40 tot 50.000 euro per woning toe. Dat is acceptabel gezien de maatschappelijke prestatie die wordt geleverd. Maar het verlies wordt bijna verdubbeld bij een hogere grondprijs. Dat is niet meer uit te leggen, zeker niet als we die nieuwe woningen op termijn ook niet mogen verkopen. En verkoop van bestaand bezit is niet bedoeld om de tekorten van de gemeente te dekken.” Van Harten vraagt zich af of de gemeente nog op haar publieke verantwoordelijkheid valt aan te spreken. “Eigenlijk triest dat de private pet van de gemeente als grondeigenaar de publieke verantwoordelijkheid voor het wonen zo overschaduwt.” Van Harten verwacht stevige gesprekken met een nieuw college. “Er moeten keuzes worden gemaakt. Maar we moeten ook goed kijken naar nieuwe modellen, zoals dat van de gedeelde grondexploitatie waarover nu in de Westelijke Tuinsteden een afspraak wordt gemaakt. Maar dat is zo pril, daar valt nog weinig over te zeggen.”

Bas Donker van Heel