Jim Schuyt: 'Alleen corporaties pakken hele wijken aan’

Exit-interview Jim Schuyt, twaalf jaar bestuursvoorzitter van De Alliantie
"Alleen corporaties pakken hele wijken aan"

De Alliantie heeft deze eeuw miljarden in stedelijke vernieuwing geïnvesteerd. Vertrekkend bestuurder Jim Schuyt is trots op het behaalde resultaat. Hij waarschuwt de politiek voor het uitkleden van de corporaties. “Als corporaties hun investeringen niet kunnen voortzetten, dan gaat het behaalde resultaat weer verloren.”

Twaalf jaar de Alliantie
Jim Schuyt (63) gaat in 2013 met vroegpensioen, zodra zijn opvolger is gevonden. Schuyt staat zelf aan de wieg van de Alliantie. Hij was als bestuurder van de Amersfoortse woningcorporatie SCW betrokken bij alle fusiegesprekken. Atrium uit Hilversum was rond de eeuwwisseling bereid om de armlastige Amsterdamse corporatie De Dageraad te helpen bij de ontwikkeling van Park de Meer. Deze drie corporaties fuseerden met een Almeerse corporatie tot de Alliantie, met als werkgebied de Noordelijke Randstad. Schuyt begon bijna veertig jaar geleden – na een studie samenlevingsopbouw aan de sociale academie en diverse academische studies (pedagogiek, organisatiekunde en andragologie) - zijn loopbaan in de stadsvernieuwing in Leeuwarden. In de jaren negentig van de vorige eeuw was hij directeur van de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting. De afgelopen vijftien jaar was hij corporatiebestuurder, vanaf 2001 bij de Alliantie.

Einde van een tijdperk - terugblikDe Alliantie heeft onder zijn bestuur vanaf 2001 naar schatting 3 miljard euro geïnvesteerd in de Noordelijke Randstad. “Wij hebben vijfmaal zoveel geïnvesteerd als we indertijd bij de fusie van plan waren. Daarvoor bestaan meerdere verklaringen. Er was een dringende maatschappelijke vraag om veel meer in de oude wijken te investeren. En we beschikten over de middelen. De woningverkopen kwamen op gang. De rente was laag. De waardeontwikkeling verliep gunstig. Maar vergeet ook niet: corporaties hebben veel geld geleend om te kunnen investeren.”

Bent u achteraf gezien bestuurder geweest in een soort Gouden Eeuw? 

“Misschien wel, maar niet zonder een dubbel gevoel. We hebben een periode achter de rug met zelfoverschatting. Met elementen van decadentie. Maar ook met bijzondere resultaten. De corporaties vieren het misschien niet altijd voldoende: tegenwoordig krijgen alle Amsterdamse wijken van de bewoners een voldoende. Dat is een teken van geweldige vooruitgang.”

Als voorbeeld mag dienen de Indische Buurt in Amsterdam-Oost. Een door drugsoverlast en verval geteisterde wijk heeft zich door de gezamenlijke investeringen van de Alliantie, Ymere, Eigen Haard en het stadsdeel in ruim tien jaar tijd ontwikkeld tot een gewilde, hippe buurt. “De markt kan dergelijke stadsvernieuwing nooit op zich nemen. Particuliere investeerders en beleggers denken alleen aan complexen. Ze zijn bovendien heel selectief. Corporaties zijn wel van de wijken. En wat we in de Indische Buurt hebben gedaan, moeten we ook elders voor elkaar krijgen. Ook in Nieuw-West moeten we aan stadsvernieuwing doen. Laten we daar die oude term maar weer gebruiken. Het gaat echt om het vernieuwen van de stad. En dat lukt beslist niet van vandaag op morgen. Dat vraagt om een langdurige inspanning. Geen sprintje, maar een marathon.”

“Ernstig dom”

Schuyt windt zich op over het gemak waarmee in de politiek over de inspanningen van corporaties wordt gesproken. “Het gaat niet om de corporaties, maar om de inwoners van de stad. Het kan ook heel anders gaan. Daarvan kennen we in het buitenland voldoende schrikwekkende voorbeelden. Er moet blijvend in de stad worden geïnvesteerd. Als dat niet gebeurt, dan verpesten we wat we in de afgelopen decennia hebben opgebouwd.”

Lukt dat in het licht van de door Rutte II voorgestelde taakversmalling? 

“Alleen nog maar sociale huurwoningen bouwen en beheren. Dat is ernstig dom. Het is goed dat we niet in hotels, horecabedrijven en concertzalen mogen investeren. Maar de ontwikkeling van gemengde wijken is de sleutel tot succes. Op plekken met een enorme overmaat aan sociale huurwoningen moeten we middeldure huurwoningen tot 900 euro en goedkope koopwoningen kunnen bouwen. Dan heb ik het niet over koophuizen van zes ton, maar woningen die goed aansluiten bij waar zo’n buurt nu staat. Als dat niet meer mogelijk is, dan valt de hele vernieuwing van zo’n wijk stil.”

Minister Blok vindt ook dat corporaties winkels en bedrijfspanden moeten verkopen.

 “We hebben de afgelopen jaren al veel bedrijfsonroerend goed verkocht. Dergelijke panden zijn vaak een bijvangst. Die komen voort uit de stedenbouwkundige behoefte levendige plinten te maken. Het is dus goed dat dergelijke panden er zijn. Maar we hoeven ze niet per se zelf te bezitten; we verkopen ze met liefde. Corporaties hebben immers liquiditeit nodig. Anders gaat de investeringsmotor haperen.”

Verhuurderheffing

Over investeringen gesproken. De aangekondigde verhuurderheffing dreigt de investeringscapaciteit van de corporaties uit te hollen. Schuyt adviseert de minister daarom een wezenlijk andere aanpak die het Rijk hetzelfde zou opbrengen: “Rijk en corporaties moeten één op één afdwingbare investeringsafspraken maken. De Alliantie investeert graag in tien prioriteitswijken. Geef haar in ruil voor controleerbare investeringen een vrijstelling van de heffing. Alleen corporaties die niks ondernemen, krijgen de heffing opgelegd. Dat is ook prima. Corporaties zijn er immers niet om op hun geld te zitten. Een dergelijk onderscheid leidt bovendien tot een goede deal. Van iedere euro die wij investeren, ziet de minister een kwartje aan belastingen in de schatkist terugvloeien. En er zijn nog meer voordelen. De stad wordt er beter van. En slimme investeringen zijn goed voor herstel van de werkgelegenheid in de bouwsector.”

Minister Blok is vooralsnog afhoudend maar kansloos is zijn aanpak volgens Schuyt nog niet, al is het op termijn: “De wal gaat het schip keren. Het kan best zo zijn dat de politiek het incasseringsvermogen van mensen overschat. Het gaat altijd om het bereiken van het juiste evenwicht. Het ‘H-woord’ houdt ons al zo lang in de greep. Eerst bij de VVD. Zij verklaarden de hypotheekrenteaftrek heilig. Nu heeft de PvdA haar H-woord: huren. Grote groepen worden geconfronteerd met forse huurstijgingen. Maar mensen met een inkomen van 43.000 euro zijn helemaal niet zo rijk. Zij worden de komende jaren zwaar getroffen. Als dan ook nog de sociale woningvoorraad door verkopen verder krimpt, de wachtlijsten almaar langer worden en de investeringen in vernieuwing van onze steden wegvallen, dan zal dat zijn weerslag hebben op het electoraat.”

Schuyt telt daar de knellende positie van middengroepen bij op. “Zij kunnen niet terecht in de sociale huursector, maar kunnen een koopwoning evenmin financieren. In de visie van het kabinet moeten beleggers in meer middeldure huurwoningen voorzien. Ik zie graag zo’n particulier huursegment ontstaan, maar niets wijst er op dat het gaat gebeuren. Dergelijke partijen hebben bovendien altijd een uitpondscenario. De afgelopen jaren hebben beleggers meer woningen verkocht, dan bijgebouwd. Laat corporaties ook middeldure huurwoningen bouwen: anders realiseren we nooit ofte nimmer de benodigde woningaantallen.”

Corrigerende tik

Waarom is de waardering voor corporaties zo gering?

“Het gevoel is dat corporaties een corrigerende tik nodig hebben. Ik vind dat sentiment niet zo erg. Doe maar, maar het gaat niet om de corporaties. Maar als er geen alternatieve instrumenten zijn om de stad te vernieuwen, dan is het wegvallen van investeringen niet minder dan een ramp. Natuurlijk. Er valt corporaties iets te verwijten. Er zijn er te veel uit de bocht gevlogen. We kennen de voorbeelden van diefstal. De goeden hebben de kwaden daar onvoldoende op aangesproken. Maar we moeten de vernieuwing van de stad in beeld houden.”

Ook al valt er nog veel te doen, Schuyt treedt binnenkort af als bestuurder van de Alliantie: “Maar ik zal altijd op een of andere manier betrokken blijven bij stadsvernieuwing en volkshuisvesting. Een inspanning leveren voor de stad, dat is de rode draad in mijn loopbaan.”