Van computeronderdelen tot oude kranten

Obsessieve verzamelwoede leidt vaak tot ernstige woningvervuiling
Van computeronderdelen tot oude kranten

Corporaties zien de overlast van verwarde huurders toenemen. Een deel daarvan zorgt voor ernstige woningvervuiling. Volgens de Amsterdamse GGD gaat het jaarlijks om enkele honderden gevallen. De Amsterdamse corporaties, de stadsdelen en de GGD streven naar betere samenwerking met de zorginstellingen.

Woningvervuiling
  • 482 meldingen
  • 30 gedwongen opruimingen
  • 4 ontruimingen

Je hebt zeer verschillende soorten vervuilers, benadrukt Michael Willemsen. Hij is teamleider Vangnet en Advies van de GGD en sociaal-psychiatrisch verpleegkundige. “Je hebt woningen die vervuild zijn omdat de bewoners de boel verwaarlozen. Dit heeft vaak een achterliggende oorzaak als het verlies van een partner of werkloosheid en verslavingsproblemen. Die mensen kunnen vaak effectief door het Leger des Heils of Cordaan worden geholpen. Na een flinke schoonmaakbeurt en eventuele zorgtoewijzing krijgen zij vaak hun leven weer op de rails.”
Veel moeilijker om aan te pakken zijn de verzamelaars die lijden aan een obsessieve drang (hoarding disorder). Willemsen: “Behandeling van deze aandoening staat nog in de kinderschoenen, al komt er wel steeds meer aandacht voor. Zoals op de afdeling Angststoornissen van het AMC. In geval van hoarding is het zaak om vroeg te signaleren dat we met verzamelwoede te maken hebben, zodat een behandeling gestart kan worden. Belangrijkste doel daarbij is dat de verzamelaar inzicht krijgt in zijn of haar eigen gedrag. Obsessieve verzamelaars vinden het namelijk heel gewoon dat hun woning vol ligt met bijvoorbeeld honderden losse jaargangen van kranten. Dat er sprake kan zijn van brandgevaar komt niet bij ze op.” Woningen worden bovendien onbegaanbaar en zijn niet meer schoon te houden.

Van melding tot ontruiming: zo zit het
De meeste meldingen bij de meldpunten Wonen en Zorg komen van omwonenden. Zij klagen bijvoorbeeld over stankoverlast of ongedierte. Woningcorporaties en politie melden meestal rechtstreeks aan de GGD.
De meldingen worden beoordeeld door de inspecteurs Hygiënisch Woningtoezicht (HWT) in samenspraak met de sociaal-psychiatrisch wijkverpleegkundige. Bij een serieuze melding doen ze dat ook ter plekke. Het belangrijkste criterium voor ingrijpen is de veiligheid van bewoner en omwonenden.
De inspecteurs proberen in eerste instantie de bewoner te bewegen zelf op te ruimen. Als dat niet werkt, wordt een beroep gedaan op Cordaan of het Leger des Heils. Wanneer de huurder niet in beweging komt, kan er uiteindelijk met bestuursdwang een schoonmaakteam naar binnen worden gestuurd. Na ongeveer een half jaar is er een nacontrole om herhaling te voorkomen. De psychiatrisch wijkverpleegkundige en de wijkagent houden ondertussen een oogje in het zeil.
Regelmatig vervallen bewoners in oude gewoonten. De ultieme remedie is dan ontruiming.

De taak van de GGD is volgens Willemsen vooral om mensen die dat nodig hebben naar de juiste zorginstantie te leiden. “Maar er zijn verschillende obstakels die dat in de weg staan. Er zijn de notoire zorgmijders. Maar vaak zijn procedures zo ingewikkeld dat wie wel hulp zoekt, door de bomen het bos niet meer ziet. Daar moet verandering in komen.”

Minder recidive in Rotterdam

Chanti Tjon-A-Joe, medewerker van Stadgenoot, deed vorig jaar in opdracht van de Amsterdamse Federatie van Woningcorporaties onderzoek naar de aanpak van woningvervuiling in de vier grote steden. Een van de uitkomsten was dat Amsterdamse vervuilers vaker recidiveren dan die in Rotterdam. Willemsen: “Uit dat onderzoek zou blijken dat in Rotterdam meer naar het individu wordt gekeken en dat wij vooral aan rampenbestrijding doen. Met die laatste constatering ben ik het niet eens. Maar het is waar dat de monitoring van woningvervuilers beter kan en dat er effectievere nazorg plaats moet vinden. Maar daarvoor moeten de instanties wel beter samen gaan werken.”
De teamleider vindt dat de GGD zeggenschap moet houden over deze problematiek. “De GGD bestaat al sinds het begin van de twintigste eeuw. En woningvervuiling is ook al zo oud als de weg naar Rome. Wij hebben de beste expertise wanneer het om dit soort excessen gaat. Mensen zien ons vaak alleen in het extreme geval dat we met een container voor een woning staan en de boel leegruimen. Maar dat is juist hetgeen we zo lang mogelijk willen vermijden.”

Eerder ingrijpen?

Corporaties pleiten voor betere samenwerking met maatschappelijke organisaties, niet alleen voor vervuilers maar voor problematische huurders in het algemeen. “De zorg voor en begeleiding van zelfstandig wonende mensen die verward gedrag vertonen, moet beter. Dat vermindert escalatie en overlast in de buurt”, schreef de branchevereniging Aedes in januari aan de Kamer. Woningcorporaties zien de overlast van verwarde huurders toenemen, aldus Aedes.
Willemsen: “We zijn in gesprek met Cordaan over het eerder kunnen aanbieden van laagdrempelige zorg. Bovendien gaan we samen met de Alliantie een aantal casussen onderzoeken waarbij de toeleiding naar zorg te wensen overliet. Van daar uit kunnen we kijken of we meer kunnen doen aan het zorgaanbod. Het streven is om het aantal opruimingen te verminderen.”
Het aantal meldingen van woningvervuiling is de afgelopen jaren gestegen. Volgens Willemsen heeft dat ook te maken met een toename van het aantal meldpunten. In 2016 kwamen er in de gezondheidsregio Groot Amsterdam 482 meldingen binnen. Bij 15 procent daarvan bleek geen sprake van een risico. Er worden ongeveer dertig woningen per jaar gedwongen opgeruimd en in slechts drie of vier gevallen wordt tot ontruiming en opzegging van het huurcontract overgegaan. Voor die mensen wordt een plek gezocht bij een instantie voor beschermd wonen.

 

Bestaat verwarde persoon wel?
Niet alleen Aedes maar ook de politie meldt een toename van het aantal ‘verwarde personen’. Verwarde personen zijn in zekere zin een hype, stelt GGZ-onderzoeker Bauke Koekkoek in zijn boek ‘Verward in Nederland’. Dat het aantal verwarde mensen onrustbarend stijgt door bezuinigingen op de geestelijke gezondheidszorg, mist volgens hem elke feitelijke onderbouwing. ‘Verward’ is een nieuw containerbegrip waar de demente oudere onder valt, maar ook een verslaafde, een verstandelijk gehandicapte, iemand die door het lint gaat na het verliezen van een baan of een relatie. Slechts 30 procent zou echt een psychische stoornis hebben.